Laatst bijgewerkt: juni 2026
Hoe goed is jouw kennis van de menselijke anatomie? Als verpleegkundige of verpleegkundestudent krijg je dagelijks te maken met het menselijk lichaam. Van het hart en de longen tot de nieren en hersenen: een goede basiskennis van anatomie helpt je bij klinisch redeneren, observeren en het begrijpen van ziektebeelden.
Test jezelf met deze anatomiequiz voor verpleegkundigen. Kun jij alle 10 vragen goed beantwoorden?
Vraag 1
Welk orgaan pompt bloed door het lichaam?
A. Lever
B. Long
C. Hart
D. Nier
Vraag 2
In welk deel van het hart bevindt zich de sinusknoop?
A. Linkerboezem
B. Rechterboezem
C. Linkerkamer
D. Rechterkamer
Vraag 3
Welke hersenkwab is voornamelijk verantwoordelijk voor het verwerken van visuele informatie?
A. Frontaalkwab
B. Pariëtaalkwab
C. Occipitaalkwab
D. Temporaalkwab
Vraag 4
Welke zenuw wordt vaak aangeduid als de tiende hersenzenuw?
A. Nervus trigeminus
B. Nervus facialis
C. Nervus vagus
D. Nervus opticus
Vraag 5
Waar vindt de filtratie van bloed plaats in de nier?
A. Lis van Henle
B. Nefron
C. Glomerulus
D. Ureter
Vraag 6
Welk hormoon wordt geproduceerd door de bètacellen van de pancreas?
A. Glucagon
B. Cortisol
C. Insuline
D. Adrenaline
Vraag 7
Welke hartklep bevindt zich tussen de linkerboezem en linkerkamer?
A. Tricuspidalisklep
B. Pulmonalisklep
C. Mitralisklep
D. Aortaklep
Vraag 8
Wat is de belangrijkste functie van de alveoli?
A. Productie van slijm
B. Transport van lucht
C. Gaswisseling
D. Regulatie van ademfrequentie
Vraag 9
Welke bloedcel is primair verantwoordelijk voor het transport van zuurstof door het lichaam?
A. Trombocyt
B. Leukocyt
C. Erytrocyt
D. Plasmacel
Vraag 10
Welke bloedvaten voeren zuurstofrijk bloed terug naar het hart?
A. Aorta
B. Vena cava superior
C. Longslagaders
D. Longaders
Antwoorden en uitleg
Vraag 1
C. Hart
Het hart is een spier die bloed door het lichaam pompt. Via de bloedsomloop worden zuurstof en voedingsstoffen naar organen en weefsels vervoerd.
Vraag 2
B. Rechterboezem
De sinusknoop bevindt zich in de wand van de rechterboezem en fungeert als de natuurlijke pacemaker van het hart.
Vraag 3
C. Occipitaalkwab
De occipitaalkwab is verantwoordelijk voor het verwerken van visuele informatie afkomstig van de ogen.
Vraag 4
C. Nervus vagus
De nervus vagus is de tiende hersenzenuw en speelt een belangrijke rol bij onder andere hartslag, ademhaling en spijsvertering.
Vraag 5
C. Glomerulus
De glomerulus is een netwerk van haarvaten waarin de eerste filtratie van het bloed plaatsvindt.
Vraag 6
C. Insuline
De bètacellen van de eilandjes van Langerhans in de pancreas produceren insuline, een hormoon dat de bloedsuikerspiegel verlaagt.
Vraag 7
C. Mitralisklep
De mitralisklep bevindt zich tussen de linkerboezem en linkerkamer en voorkomt dat bloed terugstroomt tijdens de contractie van het hart.
Vraag 8
C. Gaswisseling
In de alveoli (longblaasjes) vindt de uitwisseling van zuurstof en koolstofdioxide plaats tussen de longen en het bloed.
Vraag 9
C. Erytrocyt
Erytrocyten (rode bloedcellen) bevatten hemoglobine, een eiwit dat zuurstof bindt in de longen en vervoert naar de weefsels. Een tekort aan erytrocyten of hemoglobine kan leiden tot anemie, waardoor patiënten klachten kunnen krijgen zoals vermoeidheid en kortademigheid.
Vraag 10
D. Longaders
De longaders vervoeren zuurstofrijk bloed vanuit de longen naar de linkerboezem van het hart. Dit is een bekende uitzondering op de regel dat aders meestal zuurstofarm bloed bevatten.
Hoeveel vragen had jij goed?
0-4 goed: Tijd om de anatomieboeken weer eens open te slaan.
5-7 goed: Prima basiskennis.
8-10 goed: Uitstekend gedaan!