Elke verpleegafdeling heeft er één: een po-spoeler die vaker humeurig is dan de gemiddelde puber.
En natuurlijk begeeft ‘ie het altijd op het moment dat je een kamer uitloopt met een goed gevulde po in je hand. “Even snel door de spoeler jagen,” denk je nog. Maar zodra je het deurtje opent, ruik je het al: warm, stil en een vage geur van metaal en mislukte hoop.
“Storing 7,” zegt het scherm.
Altijd nummer 7. Nooit 1 t/m 6. Wat die inhouden? Niemand weet het. En niemand durft het te vragen.
Wat volgt is een aaneenschakeling van gênante improvisatie. Je sluipt met je ‘materiaal’ naar een andere afdeling, hopend dat je geen collega tegenkomt (“Jij werkt hier toch niet?”), of — als het écht tegenzit — je moet ‘m handmatig legen.
Let wel: dit doe je terwijl je pieper afgaat, er iemand op de bel drukt omdat de TV het niet doet, en je collega vraagt of jij nog even dat infuus wil overnemen van die patiënt die natuurlijk geen bloedvaten heeft.
En toch… we lachen erom.
Want de po-spoeler is eigenlijk gewoon de zorg in het klein: onvoorspelbaar, onhandig en altijd nét op het verkeerde moment stuk.
Maar hé — iemand moet die troep opruimen. En wij draaien er onze hand niet voor om. Letterlijk.
Seraya (39) is verpleegkundige in een perifeer ziekenhuis. In haar persoonlijke en nuchtere columns deelt ze elke 2 weken momenten van ontroering, herkenning en humor uit het zorgleven.![]()