Ergens wist ik dat dit moment zou komen. Iedereen heeft het tegenwoordig over AI. AI gaat ons helpen. AI gaat tijd besparen. AI gaat administratieve lasten verminderen. AI gaat de zorg veranderen. Volgens sommige experts gaat AI straks alles kunnen, behalve koffie drinken uit een mok die al drie uur op de balie staat.
Toen een collega laatst vertelde dat ze AI had gebruikt om een verpleegplan op te stellen, was mijn nieuwsgierigheid gewekt. “En?” vroeg ik. “Best goed eigenlijk.” Dat zijn gevaarlijke woorden.
Een paar dagen later zat ik zelf achter mijn computer. Niet voor een echte patiënt natuurlijk, maar gewoon uit nieuwsgierigheid. Ik voerde een algemene casus in en wachtte af. Binnen enkele seconden verscheen er een verpleegplan op mijn scherm. Nette formuleringen. Duidelijke doelen. Passende interventies. Het zag er eerlijk gezegd verrassend professioneel uit.
Sterker nog: het zag er soms professioneler uit dan de opdrachten die ik vroeger tijdens mijn opleiding inleverde. Dat vond ik tegelijkertijd indrukwekkend én licht verontrustend. Ik liet het resultaat aan een collega zien. Die keek even mee en knikte goedkeurend. “Best goed.” Daar waren die woorden weer.
Voor ik het wist waren we van alles aan het uitproberen. Voorlichtingsteksten. Samenvattingen. Leerdoelen. Voorbeelden van rapportages. De computer produceerde het allemaal met het enthousiasme van een stagiair die nog niet heeft ontdekt hoe druk een gemiddelde dienst eigenlijk is.
Toch viel me iets op. Hoe netjes de teksten ook waren, er ontbrak altijd iets. De patiënt. Niet letterlijk natuurlijk. Maar de mens achter het verhaal. Een computer weet niet dat meneer altijd grapjes maakt als hij zenuwachtig is. Dat mevrouw haar klachten bagatelliseert omdat ze niemand tot last wil zijn. Dat een dochter tijdens een familiegesprek eigenlijk iets heel anders vraagt dan wat ze hardop uitspreekt.
Dat zijn de dingen die je niet terugvindt in een algoritme.
En misschien is dat maar goed ook. Want hoe slim technologie ook wordt, zorg blijft mensenwerk. De computer kan een prachtig verpleegplan schrijven, maar merkt niet dat een patiënt vandaag stiller is dan gisteren. Hij voelt geen spanning in een kamer. Hij ziet geen opluchting na een goed gesprek. En hij krijgt al helemaal geen doos Merci van een dankbare familie.
Dat laatste lijkt me persoonlijk een groot gemis. Begrijp me niet verkeerd. Ik denk dat AI de komende jaren een waardevol hulpmiddel gaat worden. Misschien helpt het ons met rapportages, scholingen, samenvattingen of het schrijven van beleid. Dat kan allemaal tijd besparen. Tijd die we vervolgens weer kunnen besteden aan waar het uiteindelijk om draait.
De patiënt. Want hoe geavanceerd de technologie ook wordt, er zal altijd iemand nodig zijn die luistert, observeert, geruststelt en soms gewoon even naast een bed gaat zitten.
Dus gebruik ik AI tegenwoordig best weleens. Voor inspiratie. Voor structuur. Voor een eerste opzet. Maar uiteindelijk blijft hetzelfde gelden als altijd: de computer mag helpen, de verpleegkundige moet nadenken. En eerlijk gezegd vind ik dat een geruststellende gedachte. Al kijk ik wel uit naar de dag waarop AI mijn openstaande rapportages automatisch afmaakt. Dát zou pas echte innovatie zijn.
Seraya (40) is verpleegkundige in een perifeer ziekenhuis. In haar persoonlijke en nuchtere columns deelt ze elke 2 weken momenten van ontroering, herkenning en humor uit het zorgleven.