“Ik had ‘m net nog in m’n hand.”
Sanne kijkt radeloos naar de werkwagen. De thermometer is spoorloos. Niet in het mandje, niet op het nachtkastje van meneer D. Niet tussen de washandjes. We houden even collectief onze adem in.
Want wie ooit op een verpleegafdeling gewerkt heeft, weet: als de thermometer zoek is, is er paniek.
Niet omdat die thermometer nou zo bijzonder is, maar omdat we er maar twee hebben. En één ligt al sinds de vorige nachtdienst in de desinfectiebak, nadat-ie op een wel heel onhandige plek was beland.
We grappen nog dat hij misschien met pensioen is gegaan, na 156 rectale metingen. Of dat-ie uit protest is gevlucht vanwege het personeelstekort.
Maar intussen tikt de tijd door, ligt mevrouw B. al klaar voor haar controle en staren we elkaar aan met die blik van: wie gaat dit oplossen?
Tien minuten later vinden we ‘m. In de jaszak van collega Marja, die ‘m onbewust had meegenomen naar haar pauze. Ze had ook net een eierkoek gepakt. “Sorry jongens, multitasken is niet mijn sterkste kant,” grijnst ze.
De rust keert terug op de afdeling. De temperatuur van mevrouw B. is 36,8.
En wij? Wij concluderen dat je met een thermometertje meer chaos kunt veroorzaken dan met een reanimatieoproep. Zorg is soms net een slapstickfilm – alleen moet je ondertussen wél serieus blijven.
Seraya (39) is verpleegkundige in een perifeer ziekenhuis. In haar persoonlijke en nuchtere columns deelt ze elke 2 weken momenten van ontroering, herkenning en humor uit het zorgleven. ![]()